Nieuwe regeling, open cultuur: brandweer maakt serieus werk van mentale gezondheid onder medewerkers. © Damian Ruitenga (Pexels)
Al jaren probeert de brandweer de mentale klachten onder werknemers tegen te gaan. En met succes, want werknemers én werkgevers worden zich bewuster van de risico’s. Toch moet de harde cultuur binnen het brandweervak verder worden doorbroken. “Vlak voor een reanimatie kan een brandweerman zomaar zeggen: ik voel me niet oké, maar ik ga gewoon.”
Door: Jordy Heijnen
In een noodsituatie gaat je lichaam in overlevingsstand. Je krijgt focus op datgene wat je moet doen en daardoor verdwijnen heftige waarnemingen voor even naar de achtergrond. Niet zo gek dus dat brandweerlieden zo’n dikke huid hebben. “Maar dit is ook een beroepsgroep die gehard is”, zegt Thérèse van Mil, psycholoog van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond. “Deze mensen willen verantwoordelijkheid nemen en zijn loyaal naar hun werkgever. Ze zullen niet zo snel om hulp vragen.”
“Je zit nou eenmaal in een omgeving waar mensen zichzelf makkelijk wegcijferen. Als ik aan een brandweerman vraag hoe hij zich voelt, kan hij zomaar zeggen ‘ik voel me niet oké, maar ik ga gewoon door.’ Als diegene daarna een heftige reanimatie meemaakt en daar lang mee rondloopt, kunnen die klachten verergeren.”
Tien jaar mentale klachten
Voor die hardheid kunnen brandweerlieden een hoge prijs betalen. De opeenstapeling van heftige situaties – en daarmee ook de psychische klachten – zijn uitputtend om constant maar weg te stoppen voor brandweerlieden. “Je kan het vergelijken met het onder water drukken van een bal. Dat kost steeds meer kracht en is uiteindelijk niet meer vol te houden. Toch kunnen sommigen er zo tien jaar mee rondlopen.”
Het gebrek aan cijfers over mentale klachten binnen de brandweer helpt niet om het probleem bespreekbaar te maken. Een reden daarvoor is het grote aantal vrijwilligers, zo’n 19.000 van de 24.000 brandweerlieden in totaal. “Daardoor hebben we een hele grote groep niet inzichtelijk. Zo hebben zij geen exitgesprek zoals beroepsbrandweerlieden, waarin ze de reden van stoppen aangeven.”
Constant ellende onder ogen zien
Maar dat het probleem groot is, bewijst het rapport Voorbij het stoere imago van Karin Dangermond. Uit tientallen interviews met brandweerlieden concludeerde zij dat de constante blootstelling aan onder meer ernstige ongelukken, reanimaties, zelfdodingen en verminkingen een ideaal recept is voor mentale klachten en zelfs een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Brandweerlieden die ermee ‘doorlopen’ voelen emoties afzwakken of juist heftiger worden. Ook voelen ze zich minder veilig en zorgt het voor spanningen in hun privéleven.
Team Collegiale Ondersteuning
Worden brandweerlieden dan helemaal niet in bescherming genomen? Zeker wel, en vaak al direct na heftige gebeurtenissen. Het Team Collegiale Ondersteuning (TCO) is het luisterend oor binnen ieder brandweerkorps in Nederland, waar betrokken collega’s met gelijkgestemden in gesprek kunnen over bijvoorbeeld een brand, reanimatie of verkeersongeluk.
Van Mil: “Binnen het Team Collegiale Opvang zitten brandweerlieden die zijn opgeleid om de juiste nazorg te bieden na ingrijpende incidenten. Met deze aanpak wordt 90% van de gevallen al verwerkt. Brandweerlieden van Rotterdam-Rijnmond gaan dan ook pas met mij in gesprek als de klachten langer dan 4 tot 6 weken aanhouden.”
Brandweerlieden aan lot overgelaten
Maar ook als medewerkers zo lang klachten hebben – klachten die kunnen wijzen op PTSS - melden zij zich nauwelijks, zo zocht Zembla uit in 2024. En als er dan meldingen binnenkwamen, werden medewerkers regelmatig aan hun lot overgelaten door hun werkgever.
Uitgevallen brandweerlieden kregen na een bepaalde periode minder uitbetaald of moesten zelfs afscheid nemen van hun vak. Sommige veiligheidsregio’s namen daarvoor al het heft in eigen hand, maar sinds de documentaire van Zembla zien alle veiligheidsregio’s de ernst van het probleem. Met de nieuwe PTSS-regeling als resultaat.
Gebaseerd op politie
De regeling moet voor alle 25 veiligheidsregio’s in Nederland duidelijkheid geven over waar en hoe (potentiële) slachtoffers van posttraumatische stressstoornis moeten worden begeleid. De regeling gaat in op 1 februari 2026 en is gebaseerd op de werkwijze van politie en defensie, die PTSS al eerder als beroepsziekte erkenden.
Met een landelijk ondersteuningsbureau, een beoordelingscommissie en een diagnostisch instituut wordt de versnippering in het beleid van de veiligheidsregio’s weggenomen. Toch moet de eerste melding ‘gewoon’ bij de regio’s zelf worden gedaan, met een collega die in deeltijd het vaste aanspreekpunt is.
Open cultuur noodzakelijk
Naast de nieuwe PTSS-regeling worden alle medewerkers nu al getest op hun mentale gesteldheid bij de brandweer. Van Mil: “Binnen Rotterdam-Rijnmond krijg je eerst een psychologische test en kijkt een psycholoog mee bij bepaalde oefeningen. Daarnaast spreekt iedere brandweerman of -vrouw hoe dan ook een psycholoog elke twee jaar. Dat zorgt voor meer bewustwording.”
De brandweer is op de goede weg, maar er zijn volgens Van Mil nog stappen te zetten. Vooral door verder te werken aan een zo open mogelijke cultuur. “We zien dat collega’s zich steeds meer open stellen en het zwijgen doorbreken. Als zij dit als positief ervaren, spreken zij erover met andere collega’s. Zo wordt het mentale aspect van het vak steeds breder gedragen.”
Maak jouw eigen website met JouwWeb