Brandweerlieden die door PTSS uitvielen konden nergens heen, totdat de documentaire Opgebrand verscheen

Gepubliceerd op 23 december 2025 om 11:57

Volgens Jurriaan Jacobs loopt de brandweer zo'n vijftien jaar achter op de politie wat betreft het zorgen voor het mentale welzijn van medewerkers. © Damian Ruitenga (Pexels)

Uit het oog, uit het hart. Op die mentaliteit konden brandweermedewerkers rekenen wanneer zij door de zware psychische gevolgen van hun beroep niet langer in staat waren om hun werk uit te voeren. Maar binnenkort is dat verleden tijd.


Door: Ruth Mulder

Jarenlang was er binnen brandweerkorpsen nauwelijks tot geen aandacht voor trouwe collega’s die door mentale klachten uitvielen. Maatregelen om dit pijnpunt binnen de hulpdienst aan te pakken, bleven uit. Pas na de uitzending van de Zembla-documentaire Opgebrand kwam er een omslag. “Het inzicht ontstond dat er iets moest veranderen. Niet volgend jaar of in de toekomst. Nee, nú”, zegt Jurriaan Jacobs van de Vakvereniging Brandweer Vrijwilligers (VBV).

Achterlopende sector
Voor alle medewerkers van de hulpdiensten is het werk mentaal zwaar. De cijfers onderstrepen dat: volgens Jacobs ontwikkelt tussen de 6 en 10 procent van de mensen in risicoberoepen een posttraumatische stressstoornis (PTSS).

Het is echter veel lastiger om dit aantal precies vast te stellen bij brandweerlieden die dagelijks een ondraaglijke hitte trotseren en in zware pakken levens proberen te redden. Nederland telt ongeveer 24.000 brandweerlieden, waarvan maar liefst 19.000 vrijwilligers. Juist deze grote groep vrijwilligers, die hun brandweerwerk combineert met een ander beroep, maakt een nauwkeurige berekening ingewikkeld. Ze zijn minder vaak structureel op de kazerne aanwezig en hebben doorgaans geen vaste HR- of ziekteregistratie zoals beroepskrachten, waardoor hun uitval en mentale klachten vaak moeilijk in kaart te brengen zijn.

Terwijl de politie begin dit jaar een nieuwe regeling invoerde om medewerkers met mentale problemen sneller te ondersteunen, staat de brandweer nog ver achter. “Zo’n vijftien jaar zouden we kunnen zeggen”, aldus Jacobs.

Waar wringt de schoen?

Naast het vaststellen van de cijfers ziet Jacobs de cultuur binnen de brandweer ook als een uitdaging. “Vanuit oudsher heerst er een gesloten cultuur, vooral als het gaat om praten over je emoties. Het was heel normaal om te zeggen: ‘Als je het te heftig vindt, moet je een ander beroep kiezen.’”

Onderzoek van het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) laat bovendien zien dat een slecht teamgevoel een belangrijke reden voor uitstroom is. “Het teamgevoel is essentieel om goed je werk te kunnen doen; je moet voor elkaar letterlijk door het vuur kunnen gaan”, vult Jacobs aan.

Licht aan het einde van de tunnel
De afgelopen tijd zijn er stappen gezet: collegiale ondersteuningsteams en verwerkingsgesprekken na heftige incidenten. Hoe psychologische hulp wordt aangeboden, verschilt per veiligheidsregio; daar hebben de lokale kazernes zelf regie over.

Toch beschouwt de brandweer daarmee de kwestie nog niet als afgerond. Op 1 februari 2026 treedt er een landelijke regeling in werking voor brandweerpersoneel dat een posttraumatische stressstoornis opliep tijdens het uitvoeren van hun werk.

Dankzij deze regeling kunnen betrokkenen rekenen op financiële ondersteuning voor uiteenlopende kosten die samenhangen met hun uitval, zoals medische behandelingen, psychiatrische zorg en hulp in het huishouden. Een belangrijk onderdeel van de nieuwe maatregel is dat deze met terugwerkende kracht geldt. Dit betekent dat ook brandweerpersoneel dat de afgelopen vijf jaar is uitgevallen als gevolg van PTSS, alsnog in aanmerking komt voor een vergoeding.

Daarnaast is het positief dat de regeling niet alleen geldt voor beroepskrachten, maar ook voor vrijwilligers. ”Ook zij hebben recht op ondersteuning wanneer zij uitvallen, want hun inzet en bijdrage zijn minstens zo waardevol”, zegt Jacobs.

‘Het sluipt erin en dan is het ineens ondragelijk’
Jacobs benadrukt dat het werk erg ingrijpend kan zijn en dat je nooit weet welk incident bij jezelf iets in gang zet. “Er is geen checklist met karaktereigenschappen die je kunt aflopen voordat de kans bestaat dat iemand mentale klachten kan krijgen. Je staat niet 's ochtends op en hebt ineens PTSS. Dat sluipt erin en bouwt zich langzaam op tot het ondragelijke punt.”

Jacobs vindt het daarom ook belangrijk dat er nu een omslagpunt komt. “In de toekomst geldt hopelijk ook voor deze hulpdienst: uit het oog, is niet uit het hart.”