Koen Kamperman zal een jongen die zelfmoord pleegde nooit vergeten. © Eigen foto
Toen de destijds 28-jarige brandweerman Koen Kamperman zijn ogen sloot, zag hij de jongen liggen. Hij greep naar de fles, maar het korps zag de signalen niet. Nu pleit hij voor betere bescherming van jonge medewerkers bij de brandweer. Dit zijn zijn tips.
Door: Ruth Mulder
Werken bij de brandweer was altijd al een jongensdroom van Koen Kamperman (43). Op 25-jarige leeftijd zet hij daarom de stap en meldt hij zich aan bij de vrijwillige brandweer in Winterswijk. Hij doorstaat de fysieke test moeiteloos en mag aan de opleiding beginnen. Er valt geen woord over een psychologische test.
Zijn droom komt uit. Maar dat het vak hem zou traumatiseren, had hij nooit kunnen vermoeden. Daar was namelijk niet voor gewaarschuwd. Volgens Kamperman het begin van een slechte start. “Je weet wel waar je aan begint, maar als jonge knul wil je one of the guys zijn. Dat je dingen gaat zien die je gaan tekenen, daar sta je geen seconde bij stil.”
Leerzame start
Als groentje gaat de jonge Kamperman direct overal mee naartoe. “Zware ongevallen, branden, reanimaties, noem maar op.” Op zulke momenten krijgt hij tips van ervaren collega’s. “Bij dodelijke auto-ongelukken werd me gezegd dat ik niet naar het gezicht van het slachtoffer moest kijken, omdat dat beeld je bijblijft.” Maar wie tóch keek en erdoor werd achtervolgd, stond er alleen voor. Hij leert dus al snel dat doorgaan en groothouden de werkcultuur vormt, maar dat het zó hard is, ervaart hij pas echt wanneer het bij hem misgaat.
Een besefmoment
Kamperman is drie jaar in dienst wanneer in 2011 zijn pieper afgaat voor een ietwat vage melding. In een woning gaat een brandalarm af, meer weten ze niet. Zodra de jonge brandweerman ter plaatse is, merkt hij meteen iets opmerkelijks: een sterke kruidlucht. De situatie blijkt ernstiger dan aanvankelijk gedacht.
Zwaar bepakt ramt hij, samen met zijn collega’s, de voordeur eruit. “Ik zie die lange gang die toen tevoorschijn kwam, nog voor me”, zegt Kamperman. En wat hij aan het einde van die gang aantreft, raakt hij ook nooit meer kwijt. Er ligt een jonge jongen op de grond. Door een vuurwerkbom in zijn mond af te laten gaan, beroofde hij zichzelf van het leven .“Er was niets meer van zijn hoofd over. Hersenen en stukjes schedel lagen verspreid over de hele kamer.”
Ze dragen de zaak over aan de politie. Maar nog voordat hij de woning verlaat, dringt het besef door. Naast zijn werk bij de brandweer is Kamperman servicemonteur bij de woningcorporatie, en een tijdje geleden deed hij nog een klusje voor deze jongen. Dat komt binnen bij Kamperman. Eenmaal terug op de kazerne praten ze even kort over wat ze zojuist hebben gezien. “Echt een gesprek voeren deden we niet. We bevonden ons in een machocultuur. Je hield je groot. Als je het niet aankon, dan ging je toch lekker iets anders doen.”
Ongelukkig toeval
Kamperman weet zich staande te houden na de ingrijpende gebeurtenis, tot hij de taak krijgt om als servicemonteur een voordeur te repareren. Het is dezelfde deur die hij een paar dagen eerder als brandweerman had moeten forceren. Maar hij doet wat hij moet doen en pakt zijn gereedschapskist erbij. “De woning was schoongemaakt, maar door mijn brandweeroog zag ik dat er nog kleine stukjes schedel lagen. Achteraf gezien was dat het moment waar het misging.”
Zware gevolgen
Binnen twee maanden valt Kamperman acht kilo af. Hij zweet erg en heeft paniekaanvallen. Om de stress die hij de hele dag voelt te verminderen, gaat hij drinken. Hevig drinken. “Iedereen op de kazerne kon het aan me zien. Ik leefde voor het roesje dat ik van de drank kreeg.” Toch leken de signalen niet te worden opgepakt; niemand greep in.
Kamperman houdt deze levensstijl een tijdje vol, totdat zijn vriendin hem een halt toeroept. “Ze vroeg me wat er toch met me aan de hand was. Meer had ik schijnbaar niet nodig op dat moment. Het hoge woord kwam eruit.”
Doorpakken
De dag erop stapt hij naar de commandant met zijn verhaal. Die handelt direct. “Binnen drie kwartier zat er een psycholoog op mijn bank.” Kamperman gaat in therapie en krijgt EMDR-behandeling. De dagen daarop moet hij huilen, heel hard huilen. Iets wat hij nog niet kende van zichzelf.
Langzamerhand krabbelt hij op, maar wel met het gevoel dat het anders moet binnen de hulpdienst. “Het is gewoon zo dat je de valkuilen van het beroep niet ziet als je net begint. Heb het daarover met elkaar.” Vooral jonge medewerkers moeten beter in de gaten gehouden worden, vindt Kamperman.
De tips van Kamperman
“Houd een logboek bij. Schrijf op wat je hebt gezien en wat het met je doet. Mocht het nodig zijn, dan kun je terughalen waar het misging.” Ook vindt hij een vertrouwenspersoon binnen het korps niet voldoende. “Een psycholoog zou goed zijn. En praat daar ook mee als je nog geen klachten hebt. Mensen gaan naar de sportschool, maar in je koppie heb je ook onderhoud nodig.”
Kamperman benadrukt dat dit beroep ook veel invloed heeft op je omgeving.” Deel een signalenkaart uit. Zo kunnen anderen op je letten en worden tekenen van mentale klachten niet gemist.” Tegenwoordig ziet hij dat partners van brandweermedewerkers apart worden genomen voor een gesprekje. “Dat is heel goed. Let op je mannetje, zou ik zeggen.”
'Door te praten kom je er sterker uit'
Inmiddels werkt Kamperman niet meer bij de brandweer. Door de komst van zijn tweede dochter, werd het hem duidelijk; hij kiest voor zijn gezin en richt zich op zijn werk bij de woningcorporatie. Zonder wrok kijkt hij terug. “Ze hadden me beter in de gaten moeten houden, maar de heersende cultuur stond ons in de weg. Het is nou eenmaal zo gelopen. Wat ik wil meegeven: het is normaal dat je dingen voelt door wat je hebt gezien. Stap naar de commandant. Door te praten kom je er sterker uit, net zoals ik.”
Maak jouw eigen website met JouwWeb